Geschiedenis Moerwijk
De
wijk ligt ten zuidwesten van het centrum van Den Haag en wordt omsloten door de
Troelstrakade, de spoorlijn Rotterdam-Den Haag, de grens met Rijswijk, de grens
met Wateringen, de Loevesteinlaan, de Melis Stokelaan en de Moerweg.
De wijk
wordt in vijf sectoren verdeeld:
Moerwijk 1: het gebied omsloten door de Troelstrakade, Erasmusweg en de Moerweg;
Moerwijk 2: het deel begrensd door de Melis Stokelaan, Moerweg, Erasmusweg en
Loevesteinlaan;
Moerwijk 3: het gebied omsloten door de Erasmusweg, de spoorlijn Rotterdam-Den
Haag, de grens met Rijswijk en de Middachtenweg;
Moerwijk 4/5: het deel begrensd door de Erasmusweg, Middachtenweg, de grens met
Rijswijk en de grens met Wateringen.
Ontwikkelingsgeschiedenis.
Moerwijk ligt op de grens van drie polders: de Noordpolder ('t Noordblok), de
voormalige Oost-Escamppolder en de Wippolder. De Moerweg (Westerbeek of Lange
Laak) en de Erasmusweg (Molensloot of Korte Laak) vormen de grenzen tussen deze
polders. Om kosten te besparen is het gebied niet ontpolderd.
Moerwijk 1 is grotendeels tot stand gekomen op basis van het 'Plan Moerweg' van
de Dienst Stadsontwikkeling en Volkshuisvesting uit 1930. De geplande
arbeiderswijk ten westen van het Laakkanaal kreeg een Berlagiaanse opzet van
hoge gesloten randbebouwing en lagere bebouwing rond binnenpleinen. Bij de
uitvoering zijn wijzigingen in het plan aangebracht: de bebouwing werd verdicht
ten koste van de binnenruimten, de geplande HTM-remise verviel en er kwamen meer
hoekwinkels.
Drie woningcorporaties -Beter Wonen, Patrimonium en Luctor et Emergo- bouwden
hier. In 1933 kwamen de eerste huizen gereed. Door de economische crisis
stagneerde de bouw vanaf 1935. Het deel ten noorden van de Melis Stokelaan kwam
grotendeels nog voor 1940 gereed; ten zuiden van deze laan was veel minder
gerealiseerd (Esmoreitplein). Na de oorlog startte men met de voltooiing van
Moerwijk 1 en de aanleg van straten in Moerwijk 2 volgens het vooroorlogse plan.
De bebouwing van Moerwijk 2 kwam echter tot stand volgens een plan van W.M.
Dudok uit 1949, evenals de stedenbouwkundige opzet van Moerwijk 3, 4 en 5. Voor
het midden van de jaren vijftig was de wijk vrijwel voltooid. Eind jaren zestig
werden twee gebouwen van veertien verdiepingen aan het Erasmusplein gebouwd.
De stedenbouwkundige hoofdopzet van de wijk is gebaseerd op een rechthoekig
patroon van brede wegen met het Erasmusplein als hart. Hier overheen ligt een
fijner grid van groenvoorzieningen met hier en daar singels. Deze groenstructuur
verbindt de vier buurten ten zuiden van de Melis Stokelaan.
Het plan van Dudok vertoont een opener karakter dan de oorspronkelijk geplande
Berlagiaanse structuur.
In plaats van gesloten bouwblokken kwam er een weidse aanleg met open blokken en
vrij toegankelijke tuinen. Op enkele plekken koos Dudok voor strokenbouw.
De wijk heeft een aantal kleine lintvormige winkelcentra en een winkelcentrum
aan het Heeswijkplein. Dit plein dankt zijn omvang mede aan het feit dat
rekening moest worden gehouden met de bouw van een Station Moerwijk.
Structurele en/of functionele veranderingen.
Wezenlijke veranderingen hebben zich in Moerwijk niet voorgedaan. De hoekwinkels
in Moerwijk 1 zijn voor een belangrijk deel opgeheven; de winkelcentra elders in
de wijk trekken minder bezoek. De bevolking liep terug van 30.000 zielen in het
midden van de jaren zestig tot 20.000 nu.
(Bron: Monumenten inventarisatieproject Den Haag 1850-1940. Den Haag 1992)
Meer
weten? Lees ook:
Moerwijk heeft Abraham gezien (1932-1982). De geschiedenis van Moerwijk in
vogelvlucht. 's-Gravenhage 1985.